Kobijn is terug! Zijn fantastische avonturen spelen zich af op allerlei niveaus, in allerlei werelden en in allerlei tijdperken. En dat samen met zijn onafscheidelijke vrienden.
Wanneer Kobijn midden in het bos bijkomt, gelooft hij z’n ogen en z’n oren niet… Een dikke vent, met een blauw-wit gestreepte broek en een helm, schreeuwt: “Asterix!”
Kobijn ontkent dat hij Asterix is en vervolgt zijn weg. Maar dan komt hij een Romeinse patrouille tegen en raakt hij gewond. De druïde Panoramix verzorgt hem en laat hem wat toverdrank drinken. Dit alles overtuigt Kobijn. Hij lijkt te zijn geteleporteerd naar het dorp van de onverzettelijke Galliërs. En om het nog gekker te maken, Toutatis is ook van de partij!
In de verhalen in Donjon Parade is alle aandacht gericht op de lotgevallen van de eend Herbert en Marvin de draak, op de avonturen die ze beleven in de periode tussen Zenit 1 en 2.
Marvin, de modelwerknemer van de Donjon, verveelt zich want niemand bereikt de zaal die hij moet bewaken. Op een dag vallen avonturiers, duidelijk onder invloed van een sterke drank, de Donjon binnen en bereiken uiteindelijk ook Marvins niveau. Marvin en Herbert gaan op zoek naar de verkoper van deze vreemde drank. De schriele Magapharmassor weigert echter elke medewerking. Maar Herbert drinkt een grote hoeveelheid van dit twijfelachtige brouwsel…
Lees van Lewis Trondheim ook Kobijn en Het eiland Bourbon 1730.
Ralph Azham is de kluns van het dorp. Hij gedraagt zich vreemd en heeft geen discipline. Maar hij beschikt over aparte gaven. Zo ziet hij wie zwanger is en wie zal sterven. Sinds zijn geboorte is Ralph voorbestemd om de Uitverkorene te worden van zijn dorp, maar zijn "roeping" werd niet bevestigd door het orakel. Sindsdien wordt hij door zijn dorpsgenoten beschouwd als een paria. Tot de dag dat hij in z'n eentje het hoofd biedt aan de horde, een legertje soldaten waarvoor iedereen doodsbang is. En dan begint voor hem en Raoul, het jongetje dat hij in bescherming neemt, een leven vol avontuur, want de twee willen uit de handen van de horde blijven, die op wraak zint...
Het is chaos op het galjoen van de Spaanse kapitein Santoro. De voorraden zijn uitgeput en door middel van strootjetrekken kiest de bemanning een matroos… om op te eten! De jonge José ontsnapt gelukkig aan de kookpotten want er is land (en eten) in zicht. De zeelieden trekken de jungle in en ontdekken daar een bizar dier – het is geel met zwarte vlekken en heeft een lange staart… – dat door Santoro wordt verwond. José gaat het dier achterna en stort ermee te pletter. Het tweetal ontwaakt bij de Chahuta-indianen, waar José ontdekt dat hij een band heeft met de Marsupilami...
Na de twee delen van Het Beest door Zidrou en Pé nu een one-shot hommage door Trondheim en Nesme.
We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. Als je doorgaat met het gebruiken van de website, gaan we er vanuit dat ermee instemt.