Mei 1892. Professor Moriarty offert zich op om oude Goden die de Aarde trachten te betreden tegen te houden. De Goden nemen hem mee naar hun wereld om hem te laten boeten. Zo verdwijnt de aartsvijand van Sherlock Holmes.
Juni 1893. Meredith Rutherford, een zakenvrouw die al menig woelig water doorzwommen heeft, ontdekt bij haar thuiskomst een indringer: James Moriarty, een man die ze maar al te goed kent. Hij keert terug uit een jaar ballingschap, een ervaring die hem nog indrukwekkender maakte dan hij al was en dat leidt hem naar een nieuwe kruistocht.
Mei 1876. In zijn onderzoek naar de verdwijning van Ron Jantscher - die vlak onder zijn neus gekidnapt werd - stoot Sherlock Holmes voor het eerst op James Moriarty, een ontmoeting die veeleer slecht afloopt voor de toekomstige bewoner van Baker Street die op zijn beurt wordt ontvoerd en machteloos moet toezien hoe zijn vriend en musicus wordt gedood. Het ziet ernaar uit dat Holmes hetzelfde lot zal ondergaan. Gelukkig voor hem hebben de Moriarty's eerst met een aartsvijand af te rekenen: Tyron Paterson die hen vroeger hand- en spandiensten verleende tot zijn bloedeigen broer door de Moriartyclan werd vermoord ...
Vastbesloten om de criminelen achter de affaire in Keelodge’s te ontmaskeren, zet Sherlock, terug in Londen, zijn onderzoek voort. Aangezien zijn broer Mycroft hem van de zaak heeft afgehaald, heeft hij weinig bewijs om het onderzoek vooruit te helpen.
Het onderzoek neemt echter een beslissende wending wanneer de rechercheur geconfronteerd wordt met een zekere Edward Hyde, een weerzinwekkend mannetje, dat met de dood wordt bedreigd door degenen die het dorp hebben veroordeeld...
We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. Als je doorgaat met het gebruiken van de website, gaan we er vanuit dat ermee instemt.