In het dossier worden acrostichons van Tibet verzameld die hij schreef en tekende voor familie en vrienden (onder wie héél bekende tekenaar ) en hij vertelt ook over originele platen en wat daar soms mee gebeurde. Vanaf de volgende integrale worden een tijdlang telkens zes verhalen gebundeld.
Heeft Rik Ringers zijn verstand verloren? Rondstruinend in de Brusselse Marollenwijk raakt hij betrokken bij een “flash mob”, een menigte die bliksemsnel via internet is georganiseerd. Het is deze keer de bedoeling het paleis van justitie binnen te dringen, zwaaiend met een kwast vol rode verf! Riks belangstelling is gewekt doordat “De vrienden van Pietje Snot”, een geheim genootschap dat zich ten doel stelt een juwelendiefstal uit 1893 op te lossen, daarin een manier ziet om zijn al meer dan honderd jaar oude onderzoek vooruit te helpen. De gebeurtenissen nemen een vreemde wending als onze favoriete detective een man in een grote rode plas ziet liggen. Een slecht voorteken...
Deze integrale bundelt de volgende avonturen:
De Gier van Wood City
De Waterkoorts
Cowboys tegen Musketiers
Het Teken van de Graaf
Grapjassen Werden Gapjassen
De Sheriff Keek Toe
Het Raadselachtige Tibet
Het dossier somt anekdotes en herinneringen op van de grapjas in Tibet.
De Collectie Tibet wordt geopend met de volgende drie softcoveralbums in kleur, verkrijgbaar als pakket. Voor deze uitgaven baseerde BD Must zich op originelen uit Tibets archief en reproducties uit het weekblad Kuifje. De beide albums van De Hertenpatrouille zijn speciaal voor deze uitgave ingekleurd.
De Hertenpatrouille 1: 1952 (40 pagina's, liggend formaat 24 x 8,5 cm)
De Hertenpatrouille 2: 1953 (44 pagina's, liggend formaat 24 x 8,5 cm)
1951-1956: de korte verhalen Bolleke, De Familie Pimpernolle, Hokus Pokus en Yoyo (24 pagina's, staand formaat 21 x 30 cm)
Oplage: 300 exemplaren.
We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. Als je doorgaat met het gebruiken van de website, gaan we er vanuit dat ermee instemt.