Midden in de Vietnamoorlog verliet Peter Hopper, moe van het bombarderen van de burgerbevolking, de Amerikaanse luchtmacht, in tegenstelling tot Bob Janssen, die trouw wilde blijven aan zijn verplichtingen.
Peter, die als expat in Laos leeft, verlamd met schulden, wordt gedwongen om onofficieel te werken voor de CIA… Wat Bob betreft, hij ontdekte de verdachte dood van een winkelier dankzij twee journalisten die hij op zijn basis moest “vergezellen”.
Ze gaan dan alle drie een onderzoek aan dat hen overstijgt…
De beroemde Duitse piloot Hans Raeder is ervan overtuigd dat hij bezeten is door de geest van James O’Brady, een Amerikaanse piloot waartegen hij vocht op een onweerachtige avond. Om te kunnen overleven, moest Hans/James omgaan met de mensen die deel uitmaakten van het leven van Hans Raeder. Zelfs al ‘voelt’ hij zich een Amerikaans piloot, is het leven van die Duitse piloot niet wenselijker? Het IIIe Reich heeft heel wat vedetten onder zijn piloten. En dan is er ook nog die liefhebbende en bewonderenswaardige moeder… en vooral de jonge vrouw. Hans deed haar pijn, maar James zou haar kunnen beminnen. Nu alleen nog bekijken of die lichaamsruil definitief of omkeerbaar is. Daarvoor moet Hans/James op zoek naar de wortels van deze hekserij: de Eerste Wereldoorlog en een godverlaten eilandje midden in de Stille Oceaan…
Als een Zwitsers jachtvliegtuig met de nodige vlieguren neerstort in de Alpen, wordt de vervanging van de jagers van de Zwitserse luchtvloot plotseling dringend. De Mirage III maakt een goede kans, maar goedkoop zijn die niet bepaald. Tanguy en Laverdure worden naar Zwitserland gestuurd met een Mirage met dubbele besturing, die bestemd is voor lesvluchten. Hun taak is de Zwitserse legerleiding te laten zien hoe goed de nieuwe Mirage is. Ze komen terecht in een land dat op dat moment – op het hoogtepunt van de Koude Oorlog - een centrum voor spionnen uit West- en Oost-Europa blijkt te zijn… Na twee op een roman van Jean-Michel Charlier gebaseerde klassieke avonturen van Tanguy en Laverdure, gaat deze eind jaren zestig spelende tweede reeks verder met een dubbelavontuur in Zwitserland. De tekst is van Patrice Buendia en de Zwitserse auteur Hubert Cunin, terwijl Matthieu Durand met zijn perfect op Albert Uderzo (de bedenker van de strip) aansluitende stijl weer zorgt voor de tekeningen.
Slot van dit tweeluik over clandestiene operaties tegen de achtergrond van de Vietnamoorlog.
Wie zijn nu de ergste vijanden: de communistische troepen, of de konkelende Amerikanen? Patrice Buendia heeft zijn strepen al verdiend in de luchtvaartstrip, en dat bewijst hij hier opnieuw
Peter Hopper, voormalig piloot bij de US Air Force, besluit in volle Vietnamoorlog afstand te nemen van zijn land, in tegenstelling tot Bob Janssen, die zijn beloftes trouw wil blijven.
Peter, die diep in de schulden zit, neemt een officieus baantje aan van de CIA... en van de mysterieuze directeur van het lokale bijkantoor van Air America, Billy Luong. Bob en de journaliste Helen Burnsley zetten intussen hun onderzoek verder naar de CIA en het leger van Vang Pao, dat strijdt voert tegen de communisten van Pathet Lao, maar er rijzen steeds meer vragen en Bob en Helen raken betrokken bij louche zaakjes die hun petje te boven gaan en die zelfs een gevaar voor hun leven betekenen...
Welk lot wacht Peter nadat hij een persoonlijk drama beleeft dat hem voor het leven zal tekenen?
We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. Als je doorgaat met het gebruiken van de website, gaan we er vanuit dat ermee instemt.