Op 4 mei 1891 verdwijnt Sherlock Holmes in Zwitserland bij de Reichenbachwatervallen en neemt hij zijn grootste vijand, professor Moriarty, mee de dood in. Een paar dagen later wordt het appartement van de detective op 221 b Baker Street geplunderd door misdadigers ingehuurd door Sherlock's eigen broer Mycroft Holmes. Mycroft probeert al het bewijs van de waanzin van zijn broer, die hij ervan beschuldigt zich aan cocaïne te hebben overgegeven, te vernietigen. Voor hem is de dood van Holmes de verkapte zelfmoord van een man die zichzelf er niet toe kon brengen zijn hersens door drugs te vernietigen. Ondanks het bewijs geleverd door Mycroft, weigert Watson deze versie van de feiten te geloven. Hij onderneemt een groots onderzoek dat hem alles zal vertellen over het verhaal van Sherlock Holmes en zijn familie.
Als gevangene in het kamp van Sobibor weet Mozes nog niets over zijn organisatie of zijn werkelijke doel. Omdat hij bij zijn aankomst met alle anderen zei dat hij kapper was, wordt hij opgenomen in het contingent Joden in dienst van de nazi-officieren.
Hij leerde het kappersvak in Parijs, in 1929, nadat hij zijn broer Salomon op de vlucht had gevolgd, beschuldigd van een misdaad die hij niet had begaan...
Zach kwam dicht bij het vangen van de huurmoordenaar Ebrahimi, maar het spel liep niet af zoals hij verwachtte en de jonge Niels Colton werd gedood. Zach voelt zich verantwoordelijk voor zijn dood en als officier moet hij nu naar de moeder van het kind toe. Daarnaast is er een telefoontje van zijn zus Julia. Er zijn problemen op de familieboerderij met de robots. Deze lijken oncontroleerbaar te zijn geworden.
* 56 bladzijden
* Formaat: 217 x 287 mm
* ISBN: 978-94-6078-310-4
€8,95Oorspronkelijke prijs was: €8,95.€4,95Huidige prijs is: €4,95.Lees verder
We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. Als je doorgaat met het gebruiken van de website, gaan we er vanuit dat ermee instemt.