Parijs, zomer van 1957. Op verzoek van een cliënt gaat Nestor Burma op onderzoek uit in de wijk Saint-Germain-des-Prés, het artistieke en intellectuele centrum van Parijs. Burma komt op het spoor van een talentvolle zwarte jazzmuzikant met connecties in het drugsmilieu. Met de hulp van zijn vriendin Marcelle slaagt Burma erin zijn cliënt onder te brengen in een hotel aan de "Rive Gauche". Er is slechts één probleem: hij is dood.
Jaren 50. Nestor Burma heeft er net een eerder aangename klus opzitten: hij moest lijfwacht spelen voor een filmster op wie hij - uiteraard - verliefd werd. Hij verlengt zijn verblijf in het Hôtel des Champs Élysées waar zijn cliënte resideerde en schuimt op uitnodiging van zijn maatje Covet enkele avant premières af. Zo zit hij op de eerste rij als een actrice op de retour dood wordt aangetroffen na een overdosis. Burma steekt zijn neus in de louche zaakjes van de showbusiness.
Chantage en inbraak gaan niet altijd goed samen! Parijs, zomer 1955. Burma wordt tegelijk ingeschakeld door twee klanten uit het 14e arrondissement. De ene, Ferrand, een medegevangene van tijdens de oorlog, roept de hulp van de detective in om een reeks inbraken te onderzoeken. De andere, Gaudebert, een rijk burgerman, wil achterhalen wie hem chanteert. Op het eerste gezicht hebben de twee affaires niets met elkaar gemeen. Maar toeval bestaat niet en ‘Dynamite’ Burma ontdekt al snel dat alle sporen leiden naar de beruchte Ratten van Montsouris, een inbrekersbende die gespecialiseerd is in Parijse kelders.
We gebruiken cookies om ervoor te zorgen dat onze website zo soepel mogelijk draait. Als je doorgaat met het gebruiken van de website, gaan we er vanuit dat ermee instemt.